< Terug naar homepage

Tilburg vertelt een verhaal met kunst in de openbare ruimte. Decennialang, tot halverwege de twintigste eeuw, is de stad stapsgewijs verfraaid met (historische) monumenten. Vanaf begin jaren zestig werd ruimte gegeven aan meer eigentijdse kunstuitingen. In 1976 besluit de gemeente Tilburg om 1% van de kosten voor het bouwrijp maken van terreinen voor bestemmingsplannen te reserveren voor toepassing van beeldende kunst in de gebouwde of te bouwen omgeving. Door deze percentageregeling komt er structureel geld voor kunsttoepassing in het publiek domein.

Het Masterplan Beelden Kunst Tilburg (1983) van Joost Baljeu (1925-1991)  vormt een mijlpaal in de geschiedenis van de openbare kunst in Tilburg. Met zijn masterplan creëert Baljeu een samenhangend stelsel van eigentijdse kunstwerken die de structuur van de stad duiden. Hij beschrijft vijf routes: een ring voor de binnenstad, twee noord-zuid assen door de oudere stadsdelen en twee oost-west assen tot in de westelijke uitbreidingswijken. Waar de percentageregeling resulteerde in losse, aan (nieuw)bouwprojecten gerelateerde kunstwerken, heeft de gebiedsbenadering van Baljeu als groot voordeel dat de stedelijke ruimte voor het eerst in artistieke samenhang werd bekeken.

in 2002 komt een nieuwe impuls met het Kunstenplan Openbare Ruimte Tilburg (KORT). Op uitnodiging van de gemeente formuleert Ole Bouman een visie op de totstandkoming van kunst in het publieke ruimte. Daarin neemt hij afstand van de gebruikelijke benadering 'waarbij stedenbouwers en architecten de dienst uit maken'. Bouman kiest voor een denkrichting waarbij kunst in de openbare ruimte het resultaat is van allerlei maatschappelijke processen. Zijn visie resulteert in een dynamisch model dat het samenspel van maatschappelijke krachten in Tilburg tot uitgangspunt neemt.

KORT is in meerdere opzichten vernieuwend. Allereerst wordt kunst breder gezien dan objecten (of beelden) op straten en pleinen doordat het dynamische karakter van Tilburg ook wordt ondersteund door andere (tijdelijke) vormen van beeldende kunst en creativiteit. Nieuw is verder het appèl op inwoners en stakeholders. Voor iedereen die ideeën heeft of mee wil werken aan de realisatie van de beeldende kunst in de openbare ruimte van de gemeente Tilburg is het werkpakket KORT beschikbaar. In 2011 is dit beleid stopgezet.

Na een paar jaar worden de consequenties daarvan zichtbaar en in 2016 wordt met stadslab CuPuDo (Cultuur in het Publieke Domein de draad weer opgepakt. Meer dan tevoren wordt aangesloten bij de behoeften van Tilburgers door CuPuDo te vragen actief op zoek te gaan naar initiatieven in de wijk. Dit vanuit de overtuiging dat burgerbetrokkenheid bijdraagt aan de beleving van en waardering voor cultuur in de directe leefomgeving van inwoners en leidt tot initiatieven waarmee Tilburgers de leefbaarheid in hun buurt of wijk verbeteren.

Met de verruiming van Kunst in Openbare Ruimte naar Cultuur in het Publiek Domein wil gemeente Tilburg ook de virtuele ruimte als openbare ruimte invlechten.

Het stadslab haalt ideeën op uit de stad en brengt die verder, waar mogelijk sámen met de stad. Een belangrijke opdracht aan het Stadslab Cupudo is daarom verbindingen maken. Vooral waar ze niet voor de hand liggen. De focus ligt op grootstedelijke kunstwerken én op lokale buurtcultuur.